Print deze pagina

Productiewijze boerenzuivel

Hieronder vind u de beschrijving van de productiewijze van enkele zuivelproducten:

Boerenkarnemelk
Dit is een bijproduct van de boterbereiding. Karnemelk wordt afgetapt nadat boter is gekarnd (vandaar de naam karnemelk). Echte boerenkarnemelk bevat heel weinig vet (0,4%). De romige smaak van echte boerenkarnemelk wordt veroorzaakt door de zeer fijne verdeling van de beschermlaag van vetbolletjes (enzym wat fosfatide heet) door de karnemelk.
Botervorming is sterk afhankelijk van het voer wat koeien eten. De consistentie wisselt daarom een beetje door het seizoen heen. Krijgen de koeien bijvoorbeeld veel vers gras in de wei, dan zal de karnemelk wat eerder vocht afscheiden.

Boerenroomboter
Melk wordt aangezuurd met zuursel en blijft daarna circa 24 uren staan. Vervolgens wordt de melk gekarnd (ofwel heftig geroerd). Vetbolletjes in de melk worden een beetje stukgemaakt, waardoor ze niet meer drijven maar gaan samenklonteren. Is de melk lang genoeg gekarnd, dan zijn er allemaal klontjes boter waarneembaar in de melk.
Het vocht (karnemelk) wordt dan afgetapt. Om te voorkomen dat de boter een hele zure smaak houdt; wordt de boter gewassen met koud water. Dit wassen (ofwel uitspoelen van de karnemelk) gebeurt tweemaal. Vervolgens wordt de boter gekneed om het vocht er zoveel mogelijk uit te krijgen. Het laatste vocht wordt afgetapt, waarna de boter kan worden verpakt.

Yoghurt
Bij een melktemperatuur van circa 30 graden wordt een yoghurt (bacterie) cultuur toegevoegd. De melk wordt doorgeroerd en vervolgens circa 20 uur met rust gelaten. Er vindt dan een volledige verzuring plaats. Het specifieke yoghurt aroma wordt veroorzaakt door de gebruikte bacteriecultuur.